In Beringen kent iedereen wel een voormalig mijnwerker (Updated!)

Beringen MijnenAls ik met de bus het centrum van Beringen verlaat, doemen in de verte de grote torens van de oude mijnfabriek al op. Ik passeer ‘Het Mijncafe’ en zie een bord van een wandelclub ‘De Mijnlamp’. De geschiedenis van de mijnindustrie in de Belgische Kempen is nog altijd een levendige.


Zoals in Beringen, een klein plaatsje in de buurt van de stad Hasselt. In 1901 werd de eerste steenkool uit de Kempische ondergrond gehaald. Er ontstonden 7 steenkoolmijnen: Winterslag, Beringen, Eisden, Waterschei, Zwartberg, Zolder en Houthalen. In het Vlaams Mijnmuseum spreek ik met de conservator van het museum; Filip deLarbre. Hij vertelt me dat het museum 20.000 bezoekers per jaar trekt. Tot 1989 werd in deze mijn steenkool gewonnen. In dat jaar werden de activiteiten voorgoed stilgelegd. “Net toen de technieken steeds moderner werden”, aldus voormalig mijnwerker Hub Janssen.

Gelukkig is in Beringen nog te zien hoe 2000 mannen in deze mijn bikkelden, dag in dag uit. De mijnindustrie was de belangrijkste motor in deze regio. “Iedereen in Beringen kent wel iemand in de familie die in de mijnen heeft gewerkt”, aldus Filip. Zijn grootvader en neven daalden ook iedere dag naar beneden, de stoffige duisternis in. Hij neemt me mee door het museum. Het museum bestaat uit een impressie van de technische kant van het verhaal: de machines, gereedschappen, stutwerken, transportmiddelen…. Maar veel interessanter vind ik de bovengrondse activiteiten. Want in de gebouwen waar de mannen zich moesten omkleden, hun mijnlampen moesten pakken, moesten voorsoorteren voor ze de schacht in gingen….op al die plekken is alles nog intact gehouden. Zoals Filip het zelf verwoordt: “het idee was om slechts een van de kleedhokjes intact te houden en de rest te slopen, maar door juist alles te bewaren krijg je een veel beter beeld van de massaliteit hier. Dat maakt veel meer indruk.”

Dat maakt het zeker. Opvallend vind ik alle veiligheidsmaatregelen die toen al werden genomen om het risico van verstikking en instorting zo klein mogelijk te houden. Alles in de fabriek was gericht op maximale productie, maar tegelijkertijd oogt het als een strak georganiseerd bedrijf waar goed werd gezorgd voor de mijnwerkers. Hub spreekt dan ook vol trots over zijn tijd in de mijn waar hij in 1982 begon. “Ik had het voor geen goud willen missen.” Met de glimlach waarmee hij dat zegt, probeert hij tegelijkertijd jonge mensen die niets weten van deze tijd zijn ervaringen over te brengen….

Share Button

2 comments

  1. Interessant! Spannende omgeving lijkt me hoor… Mooie foto trouwens. Veel pleziros!

  2. Goeie foto inderdaad. Klinkt als een omgeving met genoeg ‘ omgaan met de geschiedenis’.

Reacties zijn gesloten.