Royalty’s en geld: het blijft een dingetje

Prinsjesdag is een dag vol ceremoniële poespas. Van het koffertje en de gouden koets tot de balkonscène en natuurlijk de hoedjes. Toch draait het maar om een ding: keiharde pegels. Voor deze feestelijke editie van ons datablog hebben we daarom besloten om de financiën van ons eigen koningshuis onder de loep te nemen.

Er is altijd veel gestoei geweest over wat nou de exacte kosten zijn van onze royals. De officiële begroting voor het koningshuis bedraagt nu 44,4 miljoen euro. Daar zijn de beveiligingskosten niet bij opgeteld. Daarnaast zijn er ook andere begrotingen die in relatie staan met het koningshuis, maar die niet bij het officiële budget horen. Zo vallen de kosten van staatsbezoeken bijvoorbeeld onder het ministerie van buitenlandse zaken. Het is dus een lastig verhaal. Waar gaat al het geld dan naar toe? En kunnen we een poging wagen om erachter te komen wat de werkelijke kosten zijn? Als we de officiële begroting van 44,4 miljoen erbij pakken dan ziet de verdeling er zo uit:

Het overgrote merendeel gaat zoals je kunt zien naar het personeel en het een na grootste deel naar materieeldienst. Daaronder vallen bijvoorbeeld de luchtvaartuigen en het fauna beheer. Dan heb je natuurlijk nog de koninklijke uitkeringen. Die bedragen in totaal zo’n 8,5 miljoen euro. Daarvan krijgt onze Willem het grootste deel, namelijk 5,5 miljoen euro. Als laatste heb je de doorbelaste uitgaven. Een moeilijk te doorgronden begrip, maar het omvat de kosten voor het Kabinet van de Koning, het Militair Huis en de Rijksvoorlichtingsdienst.

Maar dat is natuurlijk nog niet alles. Wat niet opgenomen is in de begroting van de koning zijn de structurele uitgaven. Die vallen onder de rijksbegroting en die zien er zo uit:

De structurele uitgaven bedragen maarliefst 18 miljoen. Daarvan gaat bijna alles naar de koninklijke paleizen en overige huisvesting. 2 miljoen gaat naar staatsbezoeken en een kleine 87,000 euro naar het schip de Groene Draeck. Alles bij elkaar opgeteld zitten we dus op 62.4 miljoen euro. Zijn we er dan achter gekomen hoeveel het koningshuis kost? Nee. Helaas wordt er geen informatie verstrekt over de kosten van de beveiliging, aldus de begroting. Missie: gefaald.

Intransparante kosten voor alle koningshuizen

Gelukkig zijn wij niet het enige land waarvan de werkelijke kosten onbekend zijn. Toen wij wilden onderzoeken hoe duur andere Europese monarchieën zijn, liepen we structureel tegen hetzelfde probleem aan: de werkelijke kosten zijn niet te achterhalen. Hoogleraar openbare financiën Herman Matthijs, doet elke jaar onderzoek naar de kosten van Europese koningshuizen en hij stelt dat veel geldstromen simpelweg niet te traceren zijn. Privé bezittingen worden bijvoorbeeld nauwelijks bekend gemaakt, de kosten voor beveiliging wordt niet openbaar gemaakt en de een betaald belasting en de ander niet. Kortom, een nachtmerrie voor iedereen die er onderzoek naar wilt doen. 

Houdt dat ons tegen om alsnog een grafiekje te maken? Nee.

Dit zijn de officiële kosten van Europese monarchieën op basis van de begroting. Zoals je kan zien staat Nederland op de derde plaats en Spanje staat helemaal onderaan met een schamele 7,7 miljoen euro. Noorwegen heeft het duurste koningshuis, zeker als je bedenkt dat Noorwegen maar 5 miljoen inwoners heeft. Hier moet wel bij gezegd worden dat het Noorse koningshuis volgens Herman Matthijs dan ook erg transparant is. Hij schat ook in dat de werkelijke kosten van de Spaanse monarchie een stuk hoger ligt.

Wat vind het volk van hun eigen royals?

Wij vroegen ons af of er een correlatie is tussen het prijskaartje van een monarchie en het goedkeuringspercentage van de bevolking. Deze lijkt er niet te zijn zoals je hieronder kunt zien. Alle gegevens zijn verzameld uit verschillende opiniepeilingen.

De Spaanse vorsten, die op papier de goedkoopste zijn, komen er in de opiniepeiling niet goed vanaf. De Nederlandse koning zit daarentegen met een goedkeuringspercentage van 7,3% nog stevig in het zadel. Het ziet er dus naar uit dat Willem ook de komende jaren de troonrede nog mag voorlezen.